Indisch-Moluks Nederland verdient óók waardevolle viering 75 jaar vrijheid

De herdenking van 75 jaar bevrijding en viering van vrijheid in 2019 en 2020 geldt niet voor heel Nederland. Een gemiste kans. ,,In de aankondiging door onze Koning wordt Indisch-Moluks Nederland niet meegenomen. Nee, dit feestje is nog niet van iedereen.”

De derde dinsdag van september, de dag waarop heel Nederland te horen krijgt wat de plannen van de regering zijn op het gebied van wetgeving en bestuur. Prinsjesdag in de prachtige Ridderzaal, waar onze Koning der Nederlanden de troonrede uitspreekt. Ik lees zoals ieder jaar de Miljoenennota en zoek waar ons kabinet aan wil bouwen. Scrollend door het bestand, pagina voor pagina, met de stream van de troonrede op de achtergrond, zoekend naar thema’s die voor mij belangrijk zijn.

Vrijheid

De koning opent de troonrede door aandacht te vragen voor ‘de herdenking van 75 jaar bevrijding’ in het parlementaire jaar dat voor ons ligt. Volgens Zijne Majesteit ‘duurde het nog een lange Hongerwinter voordat ook daar het Wilhelmus weer klonk.’ Die zin inspireert me, een aankondiging van een jubileumherdenking- en feestje voor een selectief gezelschap. Dat is grootschalige 75-jarige herdenking en viering op 4 en 5 mei de komende jaren, waar Nederlandse verzetshelden vanwege moed en strijd worden geëerd, en de eigen tijdlijn leidend is voor een grootschalige jubileum. Ik herdenk en vier vrijheid in ons land ieder jaar. En ik hou van Nederland.

Maar ik voel me als KNIL-nazaat met Moluks-Indische roots niet serieus genomen. Lange Hongerwinter? Nederlands-Indië was op 5 mei 1945 nog niet bevrijd. Duizenden gevangenen verbleven zelfs nog in Japanse interneringskampen. Nederlands-Indië was niet vrij. Om over de vrijheid van Molukse KNIL-soldaten na de capitulatie van Japan in augustus 1945 nog maar te zwijgen. Nee, dit feest is niet van iedereen. En dat zorgt voor een heel naar gevoel. Een naar gevoel dat mij vertelt dat de strijd van mijn opa voor de Nederlandse vlag en ander Moluks en Indisch verzet in WOII minder heldhaftig is dan verzet in Europa. En dat doet pijn. Ook van andere Molukse generatiegenoten hoor ik dat de Molukse KNIL-soldaten meer waardering verdienen. Velen haken af en hebben op 4 mei niets te herdenken. Vijf voor 8. De kinderen spelen ‘gewoon’ buiten. Het Wilhelmus klinkt niet in huis. Er is de laatste jaren juist meer aandacht voor het Moluks-Indische perspectief op tv. Onbewust meet Nederland toch weer met twee maten.

De Molukse en Indische gemeenschap verdienen meer aandacht. Het vieren van vrijheid is te belangrijk om mensen te vergeten. In Den Haag wordt dit geluid gelukkig al enige tijd serieus genomen. Met het toekennen van de veteranenstatus aan Molukse militairen en de voorbereidingen van een gezamenlijke tentoonstelling van de Indische en Molukse gemeenschap als gevolg. Er is een structurele subsidieregeling voor de brede doelgroep uit voormalig Nederlands-Indië. In verschillende gemeenten zijn vrijwilligers bezig om projecten te organiseren. De gemeenschappen willen wel. De Molukse gemeenschap zoekt na bijna 70 jaar verblijf in Nederland toenadering.

Gelijkwaardig

Als Moluks-Indische Nederlander zou ik graag willen dat de viering van 75 jaar vrijheid een feest wordt voor ons allemaal. Dat de daden en de tijdlijn van mijn opa er ook toe doen. Dat uitgeverijen van schoolboeken openstaan voor verzet buiten Europa en structureel een bredere groep een welverdiend spotlight krijgt.

Om dit voor elkaar te krijgen is er nog een lange weg te gaan, maar we waren juist goed op weg. Ik hoop dat er nog plekken zijn voor het feest, zodat meer mensen kunnen aanhaken. De datum maakt dan eigenlijk al niet meer zoveel uit. 4 mei of 15 augustus. Een Hongerwinter of moesson langer. Laten we de vrijheid samen vieren.

Kaja Sariwating is werkzaam als bestuurskundige in het onderwijs en vicevoorzitter van het Moluks Historisch Museum. Dit artikel schreef hij op persoonlijke titel.

Examenuitslag: spannend voor kandidaat én school

DOOR KAJA SARIWATING | 12 JUNI 2018

Tijd doden na het examen

“Wanneer komen de cijfers nou?”, vragen examenkandidaten zich af. De examens begonnen op 14 mei en waren op 29 mei afgerond. De cijfers mogen nu weleens komen. Om de tijd te doden verdienen examenkandidaten wat bij met een vakantiebaantje. Een groep examenkandidaten gaat na het eindexamen gelijk op vakantie. Na het havo-examen voor biologie op 29 mei met de bus naar Spanje voor een zonvakantie van twee weken. En dan net op tijd terug om op 13 juni de uitslag te horen van de mentor.

Lijstjes met scores

Onder leiding van een examensecretaris wordt ondertussen op iedere middelbare school hard gewerkt om de examencijfers op tijd te berekenen. Examens worden twee keer nagekeken door een docent, waaronder één keer door de eigen docent. De scores worden verwerkt per examen in lijstjes. Het aantal punten dat leerlingen hebben verkregen voor een examen is bekend. Voorbereidingen worden getroffen om de scores op te rekenen aan de hand van de normering.

Normering

Wrister Grommers, rector van het Montessori Lyceum Amsterdam, merkt op dat het ieder jaar weer spannend is op scholen. “De normering bepaalt welk cijfer een leerling krijgt en die normering is pas woensdagochtend bekend. We weten pas of een leerling is geslaagd of gezakt als we de normering ‘over’ de puntenaantallen laten gaan.” Jan van Muilekom, rector van het Vossius Gymnasium herkent dit:

“Het is ook voor ons als school heel spannend totdat de normering bekend is. We weten niet hoeveel leerlingen in één keer slagen en mogelijk nog kunnen slagen via een herkansing.”

Examenkandidaten verdienen punten voor (deels) goede antwoorden op het examen. De scores met verdiende punten verwerkt de school, maar de normering kan het verschil maken tussen een voldoende of onvoldoende.

Digitaal

Examens worden nog steeds door docenten nagekeken. Maar waar vroeger het bijhouden van scores nog met de hand ging, verloopt de verwerking van examenscores op scholen nu grotendeels digitaal. Volgens Grommers gebruiken een speciale webomgeving van het Cito genaamd Wolf. Hierin worden de scores in een speciaal ontworpen formulier bijgehouden. “Als de normering bekend is wordt in Magister berekend of een leerling is geslaagd of niet. Vanzelfsprekend wordt dit allemaal dubbel gecontroleerd,” zegt Grommers. “Onze examensecretaris kijkt ook na waarom iemand niet is geslaagd of welke mogelijkheden er zijn om alsnog te slagen via de herkansingen in het tweede tijdvak.”

Tweede correctie

Docenten kijken de examens van hun eigen leerlingen na, maar ze krijgen wel ‘hulp’ van een tweede examinator. De tweede examinator wordt toegewezen door het Cito. Examens nakijken is nog altijd wél mensenwerk. Het komt voor dat de beoordelingen verschillen. “Er is dan contact tussen de examinatoren. Op basis daarvan wordt het definitieve aantal punten dat een leerling voor een examen heeft bepaald,” aldus Grommers. Het cijfer waar de twee examinatoren gezamenlijk op uitkomen wordt in Magister ingevoerd.

Examenuitslag per telefoon

Op 13 juni 2018 maakt het College voor Toetsen en Examens de normeringen voor de examenvakken bekend. Tot die tijd blijven examenkandidaten nog even in spanning wachten en is het vooral nog even spannend op de Amsterdamse scholen om alle scores netjes te verwerken. De uitslag ontvangen leerlingen op de meeste scholen nog door een ouderwets telefoontje in de loop van de dag van de (groeps)mentor of afdelingsleider.

Het tweede tijdvak van de examens begint op maandag 18 juni 2018. Een overzicht is hier te vinden: www.examenblad.nl/examenrooster/2018/vwo?p=2&t=2

* Dit artikel is eerder gepubliceerd op www.onderwijsconsument.nl

Absurde toelatingsregels doorstroom vmbo naar havo in de prullenbak

Het is bijna twee jaar geleden dat ik de landelijke pers haalde (onder andere live-uitzending van Radio-1 en NOS) over het belang van een brede brugklas. Wat dat is? Een brugklas met zoveel mogelijk niveaus (vmbo/havo of havo/vwo). Ik reageerde toen op een uitspraak van toenmalig PvdA-leider Samson voor ‘meer brede scholengemeenschappen.’ Samson bedoelde eigenlijk brede brugklassen. Enfin, dat maakt niet uit.

Brede brugklas
Waarom een brede brugklas belangrijk is? Omdat de schoolloopbaan van scholieren helaas (te) sterk wordt beïnvloed door het basisschooladvies waarmee een kind de middelbare school binnenkomt. Oh ja, en de ‘rijke’ ouders hebben geld voor Cito-training. Ik pleitte om het definitieve schoolniveau van scholieren zolang mogelijk uit te stellen. Bijvoorbeeld door een brugklas van twee jaren of zoveel mogelijk niveaus bijelkaar.

Doorstromen van vmbo naar havo
En dan na het diploma. Met een vmbo-diploma doorstromen van vmbo/mavo naar havo is niet zo vanzelfsprekend. Ieder schooljaar (medio juni) heb ik tientallen ouders aan de telefoon: ‘Mijn kind met vmbo-diploma mag niet doorstromen naar het havo. Ze vragen een gemiddeld cijfer van een 7,0. Mag dat?’ Helaas wel.

Ik heb de afgelopen jaren verschillende artikelen geschreven over het vmbo, want dat is voor mij een belangrijke doelgroep. Een jaar geleden schreef ik voor OCO een artikel over hoe scholieren kunnen doorstromen van vmbo met havo en welke voorwaarden toegestaan zijn. Havo-afdelingen stellen soms belachelijke toelatingseisen (hoge cijfers, een intake-gesprek, motivatiebrief) en geven regelmatig de voorkeur aan instroom van buiten de school. Leerlingen met hogere cijfers. Volslagen belachelijk, maar dat mag dus allemaal. Tot vandaag.

Nieuwe wet doorstromen
Er is een wetsvoorstel dat de ruimte voor belachelijke toelatingseisen inperkt. Geen selectie aan de poort meer! Dit bevordert écht gelijke kansen. Dit wetsvoorstel heb ik mij hard voor gemaakt. Ik heb er aandacht voor gevraagd. En ervoor gelobbyd. Succesjes moet je vieren. Deze trek ik zonder enige schroom naar mij toe. En dat voor een oud-vmbo’er.

 

Meer info
Lees hier mijn artikel voor OCO: ‘Hoe stroom ik door van vmbo naar havo?

De nieuwe concept-wet waardoor de vrijheid van schoolbesturen om scholieren te weigeren wordt ingeperkt is hier te vinden. Iedereen kan tot en met 2 april 2018 hierop reageren.

 

 

De vrijwillige ouderbijdrage & incassobureaus

Het is bijna 15:00. Ik heb net een workshop gegeven over het promoten van mr-verkiezingen. Mijn derde workshopronde op het congres voor medezeggenschap op school begint bijna.

‘Ik kom voor de workshop over schoolkosten, zit ik hier goed?,’ vraagt een mevrouw die de zaal binnenkomt. Mijn antwoord: ‘Welkom, u bent aan het goede adres. Blijf vooral staan, we gaan iets actiefs doen.’ De mevrouw gaat gelijk zitten. Een kale man loopt binnen in mijn zaal. Ik ken hem van de vorige 4 edities van het congres waar ik ook een workshop gaf. Aardige man, bekijkt medezeggenschap vanuit personeelsvoorwaarden, vast en zeker lid van de vakbond. Ook hij gaat gelijk zitten: ‘Even uitbuiken hoor, ik zit nog vol van de lunch.’

Met collega Mark bespreek ik kort wat we nou precies gaan doen. We hebben het misschien iets te weinig voorbereid. Aan de andere kant: we geven een workshop en geen college. Het gaat om de interactie, toch? De workshop loopt als een trein. Scholier én mr-lid Vincent geeft op ons verzoek een pitch van 2 minuten voor de invoering van tablets. Hij is jong, maar hij heeft lef. ‘Tablets zijn van deze tijd, speciale software kan lesstof aanpassen op het niveau van een kind.’ Uitvoering van zijn pitch: sowieso een 10. Een leerkracht – tevens mr-lid – wil dolgraag reageren. Hij mag reageren, maar dan moet hij wel tegen Vincent zijn. Ook hij brengt zijn pitch goed. Vooral het punt schoolkosten vanwege Chromebooks, iPads en andere fratsen maakt veel los. Bingo, dit is precies waar we naartoe willen.

Ik sta op het punt om een dia te laten zien over wat wel en niet mag als het gaat om schoolkosten. De workshops krijgt opeens een rare wending als ouders en leerkrachten hun ervaringen delen. Het woord incasso slaat in als een bom. Volgens een leerkracht zet zijn school een incassobureau in om de ouderbijdrage te innen. Onze directeur vroeg eerder die dag nog of ik daar ooit van had gehoord. ‘Nee, er rommelt veel rondom schoolkosten. Maar incassobureaus? Nooit van gehoord. Kan ook niet, want je hebt geen overeenkomst afgesloten.’ Ik wil altijd richting oplossingen en het creatieve, maar ik redeneer meestal vanuit mijn eigen comfort: regels en besluitvorming. Ik had het dus mis.

Collega Mark probeert wat krom is nog recht te lullen. ‘Iedere bijdrage uit de portemonnee van ouders is vrijwillig.’ Tuurlijk, we willen mensen op weg helpen. Ouders blijven hun – veelal negatieve – ervaringen over schoolkosten delen. De ouderbijdrage van meer dan 1000 euro speciaal voor toegang tot een hoogbegaafdenklas kende ik al. Het fabeltje dat er een verplichte en vrijwillige ouderbijdrage bestaat ook. Maar scholen die incassobureaus inschakelen om de ouderbijdrage te innen?

Het is vandaag precies 2 jaar geleden dat ik de voorpagina van het Algemeen Dagbladhaalde vanwege scholen die kosten voor een continurooster doorrekenen aan ouders. Als ouder heb je geen keuze, toch legt de school je iets op. Iets was je als ouder misschien helemaal niet kan betalen. In die 2 jaar is er eigenlijk geen zak veranderd. Nog steeds zoeken scholen de grens op en gaan ze er regelmatig overheen. Ik heb gehoord dat er iets aankomt dat écht verandering gaat brengen. Ik ben benieuwd en hoop oprecht dat torenhoge ouderbijdragen aan banden worden gelegd. Ik ga het niet meer meemaken. Vandaag was mijn laatste werkdag bij Ouders & Onderwijs.

Kaja Sariwating heeft de afgelopen 7 jaar duizenden ouders en studenten van advies mogen voorzien in de rol van rechtshulpverlener, gemachtigde bij klacht- en bezwaarprocedure en (beleids)adviseur. De afgelopen jaren heeft hij zich vooral gericht op (ouders actief in) medezeggenschapsraden. Daarnaast heeft hij veel stukjes geschreven voor ouders met schoolgaande kinderen en scholieren.

De beste

“Je hoeft niet de beste te zijn.

Als je maar je best doet…

Dan wordt je vanzelf de beste.”